Peter Paul Rubens, Adam en Eva, 1598-1600, Collectie Rubenshuis

Over Rubens’ productie tussen 1598, het jaar dat hij zelfstandig schilder werd, en zijn vertrek naar Italië in 1600 is heel weinig bekend. Dit paneel met de zondeval van het eerste mensenpaar Adam en Eva is een van de zeldzame bewaard gebleven schilderijen uit die periode.

Peter Paul Rubens, Adam en Eva, 1598-1600, Collectie Rubenshuis, CC0, Foto Ans Brys

Het werk is geschilderd in een stijl die nog sterk aanleunt bij Otto van Veen (1557-1629), Rubens’ laatste en invloedrijkste leermeester. Rubens (1577-1640) schilderde de figuren en het landschap hier nog vrij statisch en precies. Na zijn verblijf in Italië werd zijn schilderstijl steeds losser en zijn kleurgebruik expressiever. Wellicht is het kort voor 1600 ontstaan.

Adam en Eva zijn levensgroot, ten voeten uit en naakt afgebeeld. Ze staan in het aards paradijs, een heerlijk koel groenblauwig landschap. Rechts leunt Eva tegen een boom, terwijl ze zich met opgeheven linkerhand aan een tak vasthoudt. Met neergeslagen blik staart ze naar de appel van het verderf die ze in de rechterhand houdt. Boven haar kronkelt de slang om de stam van een boom heen. Adam staat tegenover haar en lijkt met zijn linkerhand een vermanend gebaar te maken. Tussen hen in is een blauwige vijver en een dichtbegroeid woud zichtbaar. Op het voorplan, voor de voeten van Eva, bevindt zich een konijntje, dat zijn oren spitst. Iets dieper, nabij het water, zit een aapje in het riet. Ooievaars, reigers en eenden bevolken de vijver, of zweven erboven. Links, achter Adams rug, zit een vogel met bonte veren: een Amazone-papegaai.

De dieren verwijzen naar de vredige omgang die mens en dier in het aards paradijs hebben. Maar sommige van hen hebben een zeer uitgesproken symbolische betekenis. Zo wordt het konijn, een uiterst vruchtbaar dier, beschouwd als een symbool van de liefde, maar ook van de onkuisheid. De aap draagt de boodschap van ijdelheid én onkuisheid uit.

Voor de compositie nam Rubens een beroemde vroegzestiende-eeuwse gravure van Marcantonio Raimondi (1480-1527) naar Rafaël (1483–1520) als uitgangspunt, maar hij baseerde zich ook op andere voorbeelden. Tussen het eerste mensenpaar opent zich een doorkijk op een landschap dat geheel in de Vlaamse traditie is geschilderd, terwijl de weergave van de figuren de invloed verraadt van Otto van Veen. Ook het koele kleurenpalet herinnert aan Rubens’ laatste en invloedrijkste leermeester. Toch toont de jonge Rubens zich hier als een kunstenaar met een eigen temperament. Door de keuze van het moment – het lijkt alsof Adam probeert Eva van haar fatale beet af te houden en haar aan het twijfelen brengt – legt hij in de voorstelling een dramatische spanning die vreemd is aan het werk van Van Veen. Voor Rubens was deze opdracht een directe confrontatie met kunstenaars die hij bewonderde en die hij volgens de regels van de Italiaanse kunsttheorie wilde evenaren en overtreffen. 

Al vanaf de zestiende eeuw had Italië een enorme aantrekkingskracht op kunstenaars. Wie zich als schilder of beeldhouwer wilde verdiepen in de kunst van de oudheid en de renaissance reisde naar het zuiden. Zo ook Rubens. Hij vertrok in de zomer van 1600 en zou in Italië blijven tot het najaar van 1608, heel wat langer dan de meesten van zijn collega’s. Zijn verblijf op het schiereiland heeft een onuitwisbare stempel nagelaten op zijn werk: geen kunstenaar die zich de klassieke traditie en de erfenis van zijn Italiaanse voorgangers zo heeft toegeëigend als Rubens.

Interesse in barok? Lees meer op onze website ‘Barok in de Zuidelijke Nederlanden’.

Bekijk ook de website van het Rubenshuis en volg het Rubenshuis via Facebook.

Geef een reactie

Thema: Baskerville 2 door Anders Noren.

Omhoog ↑