Dom Martin & Wolfers Frères, Kelkensemble van Mgr. Jean Jadot, 1931, Koning Boudewijnstichting, in langdurig bruikleen aan M Leuven

M Leuven bewaart een fraaie collectie historisch zilverwerk vanaf de vroege vijftiende eeuw, die grotendeels bestaat uit schitterend kerkzilver uit Leuvense kerken en kloosters. Het jongste werk in deze deelcollectie dateert uit het interbellum en is een bijzonder voorbeeld van Belgisch art-decodesign van wereldklasse. Dit kelkensemble uit 1931 behoorde toe aan Mgr. Jean Jadot (1909–2009) en werd in 2013 door zijn familie aan de Koning Boudewijnstichting geschonken. In 2017 werd het aan museum M in langdurige bruikleen gegeven. Het is een topvoorbeeld van de succesvolle samenwerking tussen een monnik-ontwerper en de beste Belgische edelsmeden van het moment.

Dom Martin, gerealiseerd door Wolfers Frères, Kelk D1 met pateen en lepeltje, 1931, zilver, verguld zilver en tijgeroog, kelk 17,7 cm, ø voet 15,25 cm, ø liprand 10,25 cm, pateen ø 13,4 cm, lepel 8 cm, M Leuven, langdurig bruikleen Koning Boudewijnstichting – Fonds Mgr. Jean Jadot
Foto: Koning Boudewijnstichting, fotograaf Philippe de Formanoir

Ontwerper met wereldfaam

Dom Martin Martin osb (1889–1965), was een Benedictijner monnik van de Leuvense Abdij Keizersberg. In de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw, ontwierp hij uitzonderlijk religieus zilverwerk en moderne kerkinterieurs. Zijn geometrische art-decocreaties vallen op door de felle kleurcontrasten van kostbare materialen zoals zilver en goud, lakwerk, ivoor, mineralen, marmers en exotische houtsoorten. Dom Martins moderne ontwerpen voor zilver- en metaalwerk, textiel, meubilair, altaren, enz. – stuk voor stuk unieke exemplaren – kenden een grote internationale interesse. Bestellingen kwamen naast België onder meer uit Nederland, Frankrijk en Portugal, maar eveneens uit bijvoorbeeld Washington, Rio de Janeiro en Vietnam.

Zaalzicht tentoonstelling Zilver: Kunst, Object, Verhaal (M Leuven, 2015) met rechts ontwerpen, kelken en cibories ontworpen door Dom Martin
CC0, Foto: M Leuven, fotograaf Dirk Pauwels

Sprekende kelk

De vier merken op de voetrand vatten het ontstaan van de kelk bondig samen. Een ruitvormig jaarmerk dateert de kelk in 1931. De twee volgende merktekens identificeren de ontwerper en de uitvoerder. Ten slotte garandeert een ruitvormig gehaltemerk dat de kelk is gemaakt uit massief zilver.

Detail merken: Dom Martin, gerealiseerd door Wolfers Frères, Kelk D1, 1931, Collectie M Leuven, langdurig bruikleen Koning Boudewijnstichting – Fonds Mgr. Jean Jadot
Foto: Koning Boudewijnstichting, fotograaf Philippe de Formanoir

Het persoonlijke merk van Dom Martin stelt een smeedhamer voor tussen de initialen MM van Martinus Monachus, verwijzend naar zijn kloosternaam in het Latijn. Dom Martins gekalligrafeerde signatuur op de onderzijde van de voet, Martinus Monachus invenit excudit in mon. de Castro Lovaniensi, benadrukt dat de miskelk is ontworpen door een expert ter zake: een monnik-designer – zelf ook priester – van de Abdij Keizersberg.

Het merk met monogram WF staat voor Wolfers Frères. Hoewel hij zelf een bekwaam zilversmid was, liet Dom Martin immers tussen 1926 en 1939 zijn liturgische voorwerpen uitvoeren door de bekende Brusselse firma Wolfers Frères. Dat was een zeer bewuste keuze. Zo kon hij voor de realisatie van zijn ambitieuze ontwerpen een beroep doen op het hooggespecialiseerde ambachtskorps van de firma. De klinkende naam Wolfers stond daarenboven internationaal garant stond voor ongeëvenaarde topkwaliteit.

Dom Martin, gerealiseerd door Wolfers Frères, Kelk D1, 1931, Collectie M Leuven, langdurig bruikleen Koning Boudewijnstichting – Fonds Mgr. Jean Jadot
Foto: Koning Boudewijnstichting, fotograaf Philippe de Formanoir

Bij Dom Martin spreken ook materialen en vormen voor zichzelf. Enkele onderdelen van het ensemble zijn van verguld zilver volgens de voorschriften van de katholieke liturgie. Op de pateen wordt immers de gewijde hostie gelegd, die door de priester wordt gebroken; de cuppa, het bovenste deel van de kelk, bevat de miswijn. Hostie en wijn, het lichaam en het bloed van Christus, mochten enkel in contact komen met het meest nobele materiaal: goud. De vergulding van de cuppa en het lepeltje heeft echter ook een praktisch nut. Net als bij tafelzilver, beschermt ze het zilver tegen de zuren in de miswijn.

De bolvormige knop of nodus is gemaakt van het mineraal tijgeroog. Deze kwartsvariëteit met draadvormige kristallen in diepbruine tot gele tinten dankt zijn naam aan zijn fonkelende, gouden reflectie in het licht. Tijgeroog is een ongebruikelijk materiaal in de edelsmeedkunst en in kerkzilver in het bijzonder. Ondanks zijn voorliefde voor kleurrijke mineralen zoals malachiet, lapis lazuli en onyx, maakte Dom Martin slechts één enkele keer gebruik van tijgeroog, wat deze kelk extra bijzonder maakt.

Ook de voet van de kelk is opmerkelijk. De complexe vorm, die op een omgekeerde bloemkelk lijkt, ontstond door de combinatie van twee eenvoudige vormen, namelijk een achthoek in een cirkel. Het is een goed voorbeeld van de doordachte geometrische ontwerpprincipes die Dom Martin in zijn werk toepaste. Vaak toont hij, zoals hier, de sporen van het hameren waarmee de kelkonderdelen vorm kregen bewust als een decoratief element. Zo zet hij tegelijk het nobele materiaal én het vakmanschap van de zilversmid in de kijker. Niet toevallig stond een smeedhamer centraal in zijn persoonlijk merkteken.

Detail signatuur en inscripties: Dom Martin, gerealiseerd door Wolfers Frères, Kelk D1, 1931, Collectie M Leuven, langdurig bruikleen Koning Boudewijnstichting – Fonds Mgr. Jean Jadot
Foto: Koning Boudewijnstichting, fotograaf Philippe de Formanoir

Tevreden klant

Op de onderzijde van de voet is behalve de signatuur van Dom Martin nog een uitgebreide schenkingsinscriptie gegraveerd. Jean Jadot was vierentwintig toen hij zijn priesteropleiding voltooide. Zoals het de gewoonte was, schonk zijn familie hem bij zijn priesterwijding dit kelkensemble. Kelk en pateen zijn immers de belangrijkste attributen van een priester voor de dagelijkse eucharistieviering. Net als de eucharistie, het hart van de katholieke liturgie, is ook de priesterwijding één van de zeven sacramenten. Geen wonder dus, dat ouders of familieleden voor zo’n belangrijk geschenk graag een extra duit in het zakje deden. Volgens de Latijnse inscriptie werd de kelk aan Jadot geschonken door diens grootouders bij zijn priesterwijding op 11 februari 1934.

Aartsbisschop Jean Jadot was onder paus Paulus VI (1897–1978) in de jaren 1960 en 1970 gezant van de Heilige Stoel in verschillende landen in Zuidoost-Azië, Centraal-Afrika en de Verenigde Staten. Overal waar Jadot ging, reisde zijn kelk met hem mee en gebruikte hij hem haast 75 jaar lang dagelijks voor de eucharistie.

Collectie open

Ook de Koning Boudewijnstichting zette de voorbije maanden tijdens de sluiting van de Belgische musea haar rijke cultureel-erfgoedcollectie in de digitale kijker. In een Art Talk at Home vertelde collega Ko Goubert, collectieregistrator van M Leuven en Dom Martin-kenner, het boeiende verhaal van dit unieke kelkensemble van thuis uit.

In 2015 was het kelkensemble van Mgr. Jadot voor het eerst te zien in de M-tentoonstelling Zilver: Kunst, Object, Verhaal. Voor de gelegenheid mochten we binnengluren in de Abdij Keizersberg en vertelde Dom Dirk Hanssens osb ons graag waar Dom Martin inspiratie vond en hoe de paters vandaag zijn werk ervaren.

Je kan dit pareltje van Belgisch art-decodesign uit de collectie van de Koning Boudewijnstichting nu opnieuw met eigen ogen bewonderen in de collectiepresentatie Alles voor de Vorm in M Leuven.

Volg M via FacebookInstagramTwitterLinkedIn en YouTube.

Geef een reactie

Thema: Baskerville 2 door Anders Noren.

Omhoog ↑